Neodymium is het sterkste permanente magneetmateriaal dat er is, en inmiddels goed voor ongeveer negentig procent van alle verkochte magneten. De verbinding werd in 1982 ontdekt en levert per volume ruwweg tien keer zoveel magnetische energie als ferriet. Dat maakt compacte toepassingen mogelijk die zonder dit materiaal simpelweg niet zouden bestaan.
Daar staan twee beperkingen tegenover die je moet kennen: het materiaal roest snel zonder beschermlaag, en het verliest boven 80 °C blijvend kracht. In deze subcategorie staat hoe je specificaties leest, wat de N-waarde werkelijk betekent en waar de grenzen liggen.
Waar begin je? Voor het lezen van een productomschrijving is wat betekent de technische aanduiding van een magneet het snelste vertrekpunt. Wil je de materie in samenhang, dan is het Neodymium Handboek het uitgebreide naslagwerk.
De N-waarde is geen kwaliteitsoordeel maar een meetwaarde: het getal staat voor het maximale energieproduct van het materiaal in MGOe. Een N42 heeft dus een energieproduct van ongeveer 42 MGOe, en dat is een eigenschap van het materiaal zelf, los van hoe groot of hoe dik de magneet is.
Het bereik loopt in de praktijk van N35 tot ongeveer N52, met N55 als uiterste. Daar zit ook een natuurkundige bovengrens achter: voor neodymium-ijzer-boor ligt het theoretische maximum rond 64 MGOe. Aanbiedingen met veel hogere getallen bestaan dus niet, hoe stellig ze ook worden aangeprezen.
Hier zit de belangrijkste nuance van dit materiaal. De hoogste kwaliteiten hebben een lagere weerstand tegen ontmagnetisering, en dat betekent dat een N52 bij verhoogde temperatuur mínder kan leveren dan een N42 van dezelfde afmeting.
Op een oppervlak dat in de zon 60 tot 70 °C wordt, is de duurste kwaliteit dus niet vanzelfsprekend de beste keuze. En wie kracht én warmtebestendigheid nodig heeft, komt uit bij een tussenvorm zoals N45SH in plaats van bij het hoogste getal. De temperatuurklassen staan uitgewerkt bij hittebestendigheid van magneten.
Neodymium bestaat voor ruim zestig procent uit ijzer en roest snel zodra vocht bij de kern komt. De beschermlaag is daarmee geen afwerking maar een functioneel onderdeel, en met tien tot vijfentwintig micrometer bovendien een dun onderdeel dat je niet kunt herstellen.
Voor buiten- en vochttoepassingen is de coating daarom vaak bepalender dan de kwaliteit van de magneet zelf. Dat staat uitgewerkt in Coatings & bescherming.
Dat neodymium zoveel kracht in weinig volume levert, is de reden om het te kiezen en tegelijk de reden voor voorzichtigheid. Kleine magneten met veel kracht klappen met snelheid tegen elkaar, en het materiaal is bros als keramiek.
Bij het hanteren van grotere exemplaren hoort daarom oogbescherming, en kleine magneten horen buiten bereik van jonge kinderen. Wat daarbij speelt staat bij Veilig gebruik & risico.
Weet je welke maat en kwaliteit je nodig hebt en wil je verder met kiezen? Bekijk neodymium magneten in het assortiment, of loop de afweging langs in de projectgids.