Begrippenlijst magneten
Magneten lijken eenvoudig, maar in de praktijk kom je al snel termen tegen zoals houdkracht, luchtspleet, remanentie of non-ferro metalen. Op deze pagina leggen we belangrijke begrippen rond magneten kort en duidelijk uit. Waar dat nuttig is, verwijzen we direct naar een verdiepende uitleg in de Kennisbank of naar een pagina die helpt bij het kiezen van de juiste magneet.
Houdkracht – de meetwaarde in een ideale testsituatie, bedoeld als vergelijkingspunt.
Schuifkracht – de weerstand tegen wegglijden langs een oppervlak.
Non-ferro metalen – materialen zoals aluminium en koper waar magneten niet aan hechten.
Luchtspleet – een kleine afstand tussen magneet en staal die de houdkracht merkbaar vermindert.
Snel naar
Magnetisme & werking · Grondstoffen & ondergronden · Technische specificaties · Gebruik in de praktijk · A–Z overzicht
Magnetisme & werking
Deze begrippen helpen je begrijpen wat een magneet doet en waarom kracht in de praktijk kan afwijken van een testwaarde. Zoek je vooral houvast voor een project of toepassing, begin dan bij houdkracht, schuifkracht en luchtspleet. Meer basisuitleg vind je ook op hoe sterk moet een magneet zijn en wat heeft invloed op de sterkte van mijn magneet.
- Houdkracht
-
Houdkracht, vaak uitgedrukt in kilo’s, is een meetwaarde uit een ideale testsituatie: een magneet trekt recht los van dik, vlak staal, zonder tussenlaag.
In de praktijk spelen ondergrond, afstand, contactoppervlak en belastingrichting mee, waardoor de haalbare belasting vaak lager uitvalt. Verdieping: hoe sterk moet een magneet zijn.
Gerelateerde begrippen: Trekkracht · Schuifkracht · Luchtspleet · Ondergrond · Stalen tegenplaat
- Trekkracht
-
Trekkracht is de kracht waarmee een magneet recht van het staal af getrokken moet worden om los te komen. Dit is de richting waarin houdkracht meestal wordt gemeten.
In toepassingen waarbij iets kan schuiven, bijvoorbeeld op een verticale stalen plaat, zegt trekkracht alleen niet genoeg.
Gerelateerde begrippen: Houdkracht · Schuifkracht
- Schuifkracht
-
Schuifkracht is de weerstand tegen wegglijden langs een oppervlak, bijvoorbeeld bij een magneet op een verticale stalen plaat. In de praktijk bepaalt schuifkracht vaak of iets blijft hangen of langzaam zakt.
Gerelateerde begrippen: Houdkracht · Luchtspleet · Ondergrond
- Magnetisch veld
-
Het magnetisch veld is het invloedsgebied rond een magneet. Dat veld bepaalt waar de magneet kracht kan uitoefenen en hoe snel die kracht afneemt met afstand.
Veldlijnen zijn een handige manier om dat veld zichtbaar te maken.
Gerelateerde begrippen: Magnetische veldlijnen · Magnetiseringsrichting · Magnetische fluxdichtheid (B-veld)
- Magnetische veldlijnen
-
Veldlijnen zijn een visualisatie van het magnetisch veld rond een magneet. Ze helpen verklaren waarom vorm, dikte en magnetiseringsrichting invloed hebben op gedrag en kracht.
Verdieping: magnetische veldlijnen en magneetvorm.
Gerelateerde begrippen: Magnetisch veld · Magnetiseringsrichting
- Magnetiseringsrichting
-
De magnetiseringsrichting bepaalt waar de noord- en zuidpool zitten en hoe het veld uit de magneet komt. Dit is relevant bij ringen, blokken en andere vormen waarbij richting en toepassing verschil maken.
Verdieping: magnetiseringsrichting.
Gerelateerde begrippen: Magnetische veldlijnen · Magnetisch veld
- Demagnetiseren
-
Demagnetiseren betekent dat een magneet zijn magnetisatie geheel of gedeeltelijk verliest. Dat kan tijdelijk of blijvend zijn, afhankelijk van materiaal, temperatuur en omstandigheden.
Gerelateerde begrippen: Coërciviteit · SH / UH / EH · Curietemperatuur
- Restmagnetisme
-
Restmagnetisme is magnetisatie die achterblijft nadat een extern magnetisch veld is weggehaald. Het begrip komt vaak terug bij materiaalgedrag en hysterese.
Verdieping: magnetische hysterese en restmagnetisme.
Gerelateerde begrippen: Remanentie · Coërciviteit · Hysterese
- Hysterese
-
Hysterese beschrijft hoe een magnetisch materiaal reageert op een veranderend magnetisch veld en hoeveel magnetisatie achterblijft nadat dat veld is verwijderd.
Het begrip helpt verklaren waarom magnetisch gedrag niet altijd direct terugkeert naar de beginsituatie. Verdieping: magnetische hysterese en restmagnetisme.
Gerelateerde begrippen: Restmagnetisme · Remanentie · Coërciviteit
- Magnetische verzadiging
-
Magnetische verzadiging is het punt waarop een materiaal, zoals staal, niet veel extra magnetische flux meer kan opnemen. In de praktijk verklaart dit waarom extra magneetsterkte soms minder effect geeft dan je verwacht.
Gerelateerde begrippen: Stalen tegenplaat · Magnetisch veld · Magnetische flux
Grondstoffen & ondergronden
Dit deel gaat over het type magneetmateriaal, zoals neodymium, ferriet of AlNiCo, en over de ondergrond waarop je de magneet wilt gebruiken. Veel teleurstelling ontstaat niet door de magneet zelf, maar doordat de ondergrond niet ferromagnetisch is of doordat er een tussenlaag aanwezig is.
- AlNiCo
-
AlNiCo is een legering op basis van aluminium, nikkel en kobalt. Dit type magneet wordt vooral gekozen voor specifieke eigenschappen en bepaalde technische toepassingen.
Gerelateerde begrippen: Ferromagnetisch materiaal · Magnetisch veld
- Neodymium
-
Neodymium magneten, ook wel NdFeB genoemd, staan bekend om hun hoge houdkracht bij een compact formaat. Ze worden veel gebruikt wanneer je maximale kracht in beperkte ruimte nodig hebt.
Verdieping vind je in het cluster rond neodymium.
Gerelateerde begrippen: N-waarde · SH / UH / EH · Coating
- Ferriet
-
Ferriet magneten zijn keramisch van samenstelling. Ze zijn doorgaans minder sterk dan neodymium, maar worden vaak gekozen voor robuustheid, prijsvoordeel en bepaalde gebruiksomstandigheden.
Gerelateerde begrippen: Neodymium · Ondergrond
- Ferromagnetisch materiaal
-
Ferromagnetische materialen, zoals veel staalsoorten en puur ijzer, worden sterk aangetrokken door magneten. Dit is de belangrijkste voorwaarde om praktische houdkracht op te bouwen.
Gerelateerde begrippen: Non-ferro metalen · RVS en magnetisme · Ondergrond
- Non-ferro metalen
-
Non-ferro metalen zijn metalen zonder ijzer, zoals aluminium, koper en messing. Magneten hechten hier vrijwel niet aan, omdat deze materialen niet ferromagnetisch zijn.
In de praktijk betekent dit dat de houdkracht op non-ferro ondergronden in de buurt van nul ligt, ook al is de magneet zelf sterk.
Gerelateerde begrippen: Ferromagnetisch materiaal · Ondergrond · RVS en magnetisme
- RVS en magnetisme
-
RVS, roestvast staal, is niet één materiaal. Sommige RVS-soorten zijn nauwelijks magnetisch, terwijl andere wel reageren op magneten.
Daardoor kan de vraag of een magneet op RVS werkt per situatie en per staalsoort verschillen.
Gerelateerde begrippen: Ferromagnetisch materiaal · Non-ferro metalen · Ondergrond
- Coating
-
Een coating is een beschermlaag op een magneet, bijvoorbeeld nikkel (NiCuNi), epoxy of rubber. Coatings beschermen tegen slijtage en corrosie, maar voegen ook een kleine afstand toe tussen magneet en staal.
Verdieping: coatings bij magneten.
Gerelateerde begrippen: Luchtspleet · Corrosie · Houdkracht
- Corrosie
- Corrosie is aantasting van metaal door bijvoorbeeld vocht, condens of zout. Sommige magneten en vooral bepaalde coatings zijn gevoeliger voor corrosie dan andere. In toepassingen met vocht of buitengebruik is materiaalkeuze extra belangrijk. Meer hierover lees je op magneten buiten bevestigen en magneten en zout water.
Technische specificaties
Dit zijn termen die je vaak ziet in productinformatie, datasheets en artikelen over magneetkwaliteit, materiaalgedrag en temperatuurklassen. Handig als je magneten exact wilt vergelijken of beter wilt begrijpen waarom specificaties in de praktijk anders kunnen uitpakken.
- N-waarde
-
De N-waarde, bijvoorbeeld N35 of N52, zegt iets over de maximale energie-inhoud van het neodymium materiaal en hangt samen met magnetische prestaties.
Verdieping: N-waarde bij neodymium magneten.
Gerelateerde begrippen: SH / UH / EH · Remanentie
- SH / UH / EH
-
Dit zijn temperatuurklassen die aangeven tot welke werktemperatuur een neodymium magneet geschikt kan zijn zonder blijvend krachtverlies.
Verdieping: betekenis van magneetspecificaties.
Gerelateerde begrippen: Demagnetiseren · Coërciviteit · Curietemperatuur · Neodymium
- Curietemperatuur
-
De Curietemperatuur is de temperatuur waarbij een magnetisch materiaal zijn ferromagnetische eigenschappen verliest. Boven dit punt gedraagt het materiaal zich niet meer als voorheen.
Gerelateerde begrippen: Demagnetiseren · SH / UH / EH
- Remanentie
-
Remanentie, vaak aangeduid als Br, is de magnetische fluxdichtheid die in het materiaal achterblijft na magnetisatie. Het hangt samen met de sterkte van het materiaal, maar vertaalt niet 1-op-1 naar houdkracht in een toepassing.
Gerelateerde begrippen: Restmagnetisme · Hysterese · Coërciviteit
- Coërciviteit
-
Coërciviteit, vaak aangeduid als Hc, geeft aan hoe goed een magneet weerstand biedt tegen demagnetiseren, bijvoorbeeld door hitte of een tegengesteld magnetisch veld.
Gerelateerde begrippen: Demagnetiseren · SH / UH / EH · Restmagnetisme
- Magnetische fluxdichtheid (B-veld)
-
Het B-veld, of fluxdichtheid, beschrijft hoe sterk het magnetisch veld op een bepaald punt is. In technische context wordt dit gebruikt om veldsterkte en materiaalgedrag te beschrijven.
Gerelateerde begrippen: Magnetische veldsterkte (H-veld) · Magnetisch veld · Magnetische flux
- Magnetische veldsterkte (H-veld)
-
Het H-veld, of veldsterkte, hangt samen met de magnetiserende werking van een veld en wordt vaak naast het B-veld gebruikt om materiaalgedrag te beschrijven.
Gerelateerde begrippen: Magnetische fluxdichtheid (B-veld) · Coërciviteit
- Magnetische flux
-
Magnetische flux beschrijft de totale hoeveelheid magnetisch veld die door een oppervlak loopt. Het begrip wordt vooral gebruikt in technische uitleg over veldverdeling, materiaalgedrag en magnetische kring.
Gerelateerde begrippen: Magnetische fluxdichtheid (B-veld) · Magnetisch veld
Gebruik in de praktijk
Dit zijn de begrippen die verklaren waarom een magneet in het echt anders werkt dan op papier. Hier vallen onder andere afstand, ondergrond, contactoppervlak en belastingrichting onder. Zoek je een praktische keuzehulp, kijk dan ook op hoe kies je de juiste magneet.
- Luchtspleet
-
Een luchtspleet is elke kleine afstand tussen magneet en staal, bijvoorbeeld door verf, tape, papier, coating of een ruwe ondergrond. Zo’n kleine afstand kan de houdkracht sterk verminderen.
Verdieping: wat heeft invloed op de sterkte van mijn magneet.
Gerelateerde begrippen: Houdkracht · Coating · Contactoppervlak · Afstand tot staal
- Ondergrond
-
De ondergrond is het materiaal waarop je de magneet gebruikt. De praktische houdkracht hangt sterk af van de vraag of de ondergrond ferromagnetisch is, hoe dik het staal is en hoe vlak het contact is.
Meer hierover lees je in hoe kies je de juiste magneet.
Gerelateerde begrippen: Ferromagnetisch materiaal · Non-ferro metalen · Luchtspleet
- Contactoppervlak
-
Het contactoppervlak is het deel waar magneet en staal elkaar raken. Een vlak, schoon en volledig contact geeft meestal de beste werking. Oneffenheden, structuur of een tussenlaag zorgen voor minder effectief contact.
Gerelateerde begrippen: Luchtspleet · Houdkracht · Ondergrond
- Afstand tot staal
-
De afstand tussen magneet en staal bepaalt hoeveel van het magnetisch veld het staal nog bereikt. Zelfs een dun laagje verf, folie of coating kan al veel effect hebben.
In de praktijk is zo dicht mogelijk op staal vaak het belangrijkste advies.
Gerelateerde begrippen: Luchtspleet · Houdkracht
- Stalen tegenplaat
-
Een stalen tegenplaat is een stalen plaat die je als partner gebruikt voor een magneet. Dit kan de praktische werking verbeteren, vooral als de ondergrond dun, gelakt of niet ideaal is.
Gerelateerde begrippen: Ondergrond · Houdkracht · Magnetische verzadiging
- Potmagneet
-
Een potmagneet is een magneet in een stalen behuizing, de pot. Die stalen pot bundelt het magnetisch veld naar voren, waardoor de praktische trekkracht aan de voorkant vaak groter is dan bij dezelfde magneet zonder behuizing.
Bekijk ook het assortiment potmagneten voor praktische toepassingen.
Gerelateerde begrippen: Magnetisch veld · Houdkracht · Stalen tegenplaat
A–Z overzicht
A – Afstand tot staal, AlNiCo
B – Magnetische fluxdichtheid (B-veld)
C – Coating, Coërciviteit, Contactoppervlak, Corrosie, Curietemperatuur
D – Demagnetiseren
F – Ferriet, Ferromagnetisch materiaal
H – Magnetische veldsterkte (H-veld), Houdkracht, Hysterese
L – Luchtspleet
M – Magnetisch veld, Magnetische flux, Magnetiseringsrichting, Magnetische veldlijnen
N – N-waarde, Neodymium, Non-ferro metalen
O – Ondergrond
P – Potmagneet
R – Remanentie, Restmagnetisme, RVS en magnetisme
S – Schuifkracht, SH / UH / EH
T – Stalen tegenplaat, Trekkracht
V – Magnetische verzadiging