Magnetische hysterese en remanentie uitgelegd

Kort antwoord:
Hysterese betekent dat magnetisch gedrag afhangt van wat er eerder is gebeurd. Remanentie is wat er aan magnetisatie achterblijft als het externe veld weg is: bij neodymium 1,17 tot 1,47 tesla, bij ferriet ongeveer 0,4 tesla.

Waarom:
De magnetische domeinen blijven deels uitgelijnd staan. Hoe hard je moet duwen om ze weer in de war te krijgen, heet coërciviteit — en dat is de eigenschap die bepaalt of een magneet zijn kracht houdt.

Een permanente magneet is permanent omdat zijn materiaal een geheugen heeft. Dat geheugen is te tekenen, en zodra je die tekening een keer hebt gezien vallen een hoop andere dingen op hun plek: waarom een dunne magneet eerder bezwijkt bij hitte, waarom een geschroefde schroevendraaier magnetisch blijft, en waarom N52 gevoeliger is dan N42.

De kromme waar het allemaal in staat

Magnetiseer een stuk materiaal en bouw het veld daarna weer af, dan volgt de magnetisatie niet dezelfde weg terug. Zet je dat uit in een grafiek, dan krijg je een lus in plaats van een lijn. Dat is hysterese.

Hysteresekromme met de remanentie Br op de verticale as, de coërciviteit Hc op de horizontale as en het tweede kwadrant gemarkeerd als werkgebied van een permanente magneet
De lus in beeld. Waar de kromme de verticale as snijdt staat de remanentie: wat overblijft bij veld nul. Waar hij de horizontale as snijdt staat de coërciviteit: het tegenveld dat nodig is om de magnetisatie terug naar nul te dwingen.

Het gearceerde deel linksboven is waar een permanente magneet zijn hele leven doorbrengt. Dat klinkt vreemd, want er staat geen extern veld aan — maar een magneet werkt tegen zijn eigen strooiveld in. Hij duwt zichzelf dus voortdurend een stukje naar links op die kromme. Hoe platter de magneet, hoe verder naar links. Dat is de reden dat een dunne schijf bij dezelfde temperatuur eerder onomkeerbaar kracht verliest dan een dikke; dat werken we uit bij demagnetisering door hitte.

Remanentie: wat er overblijft

Remanentie (Br) is de magnetisatie die achterblijft als het veld is weggenomen. De verschillen tussen materialen zijn groot:

MateriaalRemanentie BrCoërciviteit
Neodymium N35 – N521,17 – 1,47 Tzeer hoog
Samarium-kobalt0,9 – 1,1 Tzeer hoog
AlNiCo1,1 – 1,3 Tlaag
Ferrietcirca 0,4 Tgemiddeld
Zacht staalnagenoeg nulzeer laag

Die tabel bevat een verrassing. AlNiCo heeft een remanentie die niet onderdoet voor neodymium, en toch is het geen sterke magneet in het dagelijks gebruik. De reden staat in de derde kolom: de coërciviteit is laag, dus het materiaal duwt zichzelf makkelijk van de kromme af. Remanentie alleen zegt dus weinig; het is de combinatie die telt, en die staat uitgewerkt bij coërciviteit van magneten.

Waarom de smalle lus van staal juist nuttig is

Bij zacht staal is de lus bijna dichtgeknepen: het materiaal magnetiseert makkelijk mee en laat vrijwel niets achter. Precies dat maakt het geschikt als tegenstuk en als kern in transformatoren, want het geleidt de flux zonder er zelf iets van vast te houden. Zie magnetische verzadiging van staal voor waar die geleiding ophoudt.

Helemaal nul is het niet, en dat merk je. Een schroevendraaier die een tijd tegen een sterke magneet aan heeft gelegen, pakt daarna zelf schroefjes op. Dat is restmagnetisme: de praktische naam voor een kleine remanentie in een materiaal dat er niet voor bedoeld is.

Een magnetische schroevendraaier terugdraaien

Hier gaat veel advies rond dat niet werkt. Erop slaan helpt marginaal en beschadigt je gereedschap. Verhitten werkt alleen boven de Curie-temperatuur, dus rond 770 °C voor staal, en dan is de harding weg — je hebt dan een niet-magnetische, zachte schroevendraaier.

Wat wél werkt is een afnemend wisselveld: de magnetisatie wordt heen en weer geslingerd met een steeds kleinere amplitude, zodat de domeinen willekeurig achterblijven. Een demagnetiseerblokje kost een paar euro en doet precies dat. Wij verkopen ze niet, en dat is bewust — voor dit probleem heb je geen magneetspecialist nodig, maar een gereedschapswinkel.

Restmagnetisme is meestal geen defect
Als metaal na contact met een magneet licht magnetisch blijft, is dat normaal gedrag en geen fout in de magneet of in het staal. In sommige toepassingen is het handig, bijvoorbeeld bij een gemagnetiseerd bitje. In andere is het hinderlijk, bijvoorbeeld bij meetgereedschap of bij onderdelen die daarna gelast worden.

Remanentie is niet de houdkracht

Dit is de meest voorkomende verwarring. Remanentie geldt in een gesloten magnetisch circuit; zodra de magneet los in de lucht ligt, meet je aan het oppervlak nog maar een fractie daarvan. Een schijf van 20 × 5 mm in N42 heeft een Br van circa 1300 mT en levert aan het oppervlak ongeveer 290 mT. Beide getallen kloppen, ze meten alleen iets anders. Dat verschil staat uitgewerkt bij magnetische fluxdichtheid.

Hoeveel kilo je er vervolgens mee ophangt, hangt af van de vorm, het tegenstuk, de luchtspleet en de belastingsrichting — niet van Br. Voor de vertaalslag naar de praktijk is trekkracht berekenen het aangewezen artikel.

Wat de lus over temperatuur zegt

De hele kromme verschuift met de temperatuur, en de twee assen bewegen niet gelijk op. Bij neodymium zakt de remanentie met ongeveer 0,11 % per graad terwijl de coërciviteit sneller terugloopt, met circa 0,6 % per graad. Warm worden betekent dus vooral: minder weerstand tegen ontmagnetiseren. Zit de magneet door zijn vorm al ver naar links op de kromme, dan schuift hij bij verhitting over de knik heen en komt hij na afkoelen op een lager niveau terug.

Bij kou werkt het bij neodymium de goede kant op en bij ferriet juist niet, wat de reden is dat ferriet in extreme kou kwetsbaar is. Dat staat bij magneten in extreme kou.

Meer leren over magnetisch gedrag?

PROCES

Magnetiseren

Hoe magnetische domeinen zich uitlijnen en een magneet ontstaat.

Lees verder →
STABILITEIT

Coërciviteit

Waarom sommige magneten hun magnetisatie beter behouden.

Lees verder →
GEDRAG

Magnetische verzadiging

Wanneer extra magnetiseren nog maar weinig effect heeft.

Lees verder →
PRAKTISCH

Waarom verliest een magneet kracht?

De oorzaken van krachtverlies in de praktijk.

Lees verder →
Magnetische hysterese
Het verschijnsel dat magnetisatie niet dezelfde weg volgt bij het opbouwen en afbouwen van een veld, waardoor een materiaal een deel van zijn magnetische toestand behoudt.

Remanentie (Br)
De magnetisatie die achterblijft nadat het externe veld is verwijderd, in tesla. Geldt in een gesloten circuit en is niet wat je aan het oppervlak meet.

Coërciviteit (Hc)
Het tegenveld dat nodig is om de magnetisatie terug naar nul te dwingen. Bepaalt hoe goed een magneet zijn kracht behoudt onder warmte, een ongunstige vorm of een tegenveld.

Restmagnetisme
De praktische term voor een kleine remanentie in materiaal dat niet als magneet bedoeld is, zoals gereedschap of plaatstaal.

Technisch team MagneetjesWinkel.nl
De informatie op deze pagina is zorgvuldig samengesteld door het technisch team van MagneetjesWinkel.nl. Zo ben je verzekerd van betrouwbare en actuele informatie over magneten en hun toepassingen.

Laatst bijgewerkt: 8 september 2026