Coërciviteit – waarom sommige magneten hun kracht beter behouden
Kort antwoord:
Coërciviteit is het tegenveld dat nodig is om een magneet te ontmagnetiseren. Bij neodymium type N is dat circa 955 kA/m, bij ferriet ongeveer 250 en bij AlNiCo maar zo'n 50.
Waarom:
Hoe hoger die waarde, hoe moeilijker de magnetische domeinen van richting te krijgen zijn. Dat bepaalt of een magneet zijn kracht houdt bij warmte, bij een ongunstige vorm en naast andere magneten.
Coërciviteit is de minst besproken en meest onderschatte waarde op een magneetdatablad. De N-waarde vertelt hoe sterk een magneet kan zijn; de coërciviteit vertelt of hij dat blijft. Hieronder staat wat de twee getallen op het datablad betekenen, waarom de letter achter de N-waarde niets anders is dan een coërciviteitsspecificatie, en wanneer je die extra weerstand niet nodig hebt.
Twee getallen, allebei coërciviteit
Op een datablad staan er twee, en dat verwart. Kijk maar naar een gangbare N42:
| Waarde | N42, typisch | Wat het beschrijft |
|---|---|---|
| HcB (bHc) | 860 – 955 kA/m | tegenveld waarbij de fluxdichtheid nul wordt |
| HcJ (iHc) | ≥ 955 kA/m | tegenveld waarbij de magnetisatie zelf nul wordt |
Het verschil is niet academisch. Bij HcB meet je alleen nog geen veld naar buiten; de magneet is dan nog wel gemagnetiseerd en veert terug zodra het tegenveld wegvalt. Pas bij HcJ is de magnetisatie werkelijk vernietigd en komt er niets terug. Voor de vraag of je magneet blijvend beschadigd raakt, is HcJ dus het getal dat telt — en dat is precies het getal dat in advertenties nooit genoemd wordt.
De letter achter de N-waarde is dit getal
H, SH, UH, EH en AH worden meestal gepresenteerd als temperatuurklassen. Dat is de uitkomst, niet de specificatie. Wat je koopt is coërciviteit; de hogere werktemperatuur volgt daaruit, omdat warmte de coërciviteit verlaagt en je met een hogere startwaarde meer marge hebt voordat je onder de kritische grens zakt.
Diezelfde grafiek verklaart ook waarom een hogere temperatuurklasse altijd een lagere maximale N-waarde heeft. De legering wordt aangepast om de domeinen steviger op hun plek te houden, en dat gaat ten koste van de remanentie. N52AH bestaat niet en zal niet gaan bestaan; wat dat betekent voor je keuze staat bij N-waarde bij neodymium magneten.
Wanneer je die extra coërciviteit niet nodig hebt
Hier gaat geld verloren. Een SH-uitvoering kost aanzienlijk meer dan een gewone N, en de meeste mensen die erom vragen hebben hem niet nodig. Coërciviteit is namelijk pas de beperkende factor als de magneet ook echt tegen een tegenveld in moet werken — door hitte, door een ongunstige vorm, of door een buurmagneet.
Een dikke magneet die plat tegen dik staal ligt in een ruimte die 40 °C haalt, komt met een gewone N-uitvoering nooit in de buurt van zijn grens. Daar een SH voor kopen is weggegooid geld. Andersom: een dunne schijf van 20 × 1 mm, vrijstaand, in dezelfde ruimte, zit al veel dichter bij de rand — daar is de vorm het probleem en niet de temperatuur, en daar helpt een hogere klasse wél. Het onderliggende mechanisme staat bij demagnetisering door hitte.
Vraag eerst naar de vorm, dan pas naar de klasse
Wie ons belt met een warmtetoepassing krijgt eerst de vraag hoe dik de magneet is en waar hij tegenaan zit. In veel gevallen lost een dikkere magneet in een gewone N-klasse het probleem op voor minder geld dan een dunne in SH. De verhouding tussen dikte en diameter doet vaak meer dan de legering.
Waarom AlNiCo een houder had
De lage coërciviteit van AlNiCo is niet alleen een tabelwaarde; hij heeft een zichtbaar spoor achtergelaten. Oude hoefijzermagneten werden geleverd met een stalen dwarsbeugel over de polen. Dat was geen verpakking maar een noodzaak: zonder die beugel staat de magneet open in de lucht, werkt hij tegen zijn eigen strooiveld in en zakt hij langzaam weg. Met de beugel is het circuit gesloten en gebeurt er niets.
Bij neodymium is die beugel overbodig geworden, en dat komt volledig door de coërciviteit — ruim twintig keer hoger dan bij AlNiCo. Een losse neodymium magneet in een la verliest niets, jaar in jaar uit. Dat een magneet "op raakt" is dan ook een hardnekkig misverstand: zonder hitte, corrosie of een sterk tegenveld verandert er niets aan. Wat er wel misgaat staat bij waarom een magneet kracht verliest.
Stapelen en buurmagneten
Magneten die naast elkaar met gelijke polen naar dezelfde kant worden gemonteerd, duwen elkaars werkpunt naar links op de kromme. Bij voldoende coërciviteit merk je daar niets van; bij ferriet of AlNiCo in een krappe opstelling kan dat wel blijvend krachtverlies geven.
Stapelen in dezelfde richting is juist gunstig, omdat de magneten elkaars circuit verlengen. Dat werkt tot een stapelhoogte van ongeveer de helft van de diameter; daarboven wordt de winst klein. Zie houdkracht verhogen door stapelen.
Waar coërciviteit vandaan komt in de kromme
Op de hysteresekromme is coërciviteit de breedte van de lus, waar remanentie de hoogte is. Een brede lus betekent: veel tegenveld nodig, dus stabiel. Een smalle lus betekent makkelijk te magnetiseren én makkelijk kwijt te raken — precies wat je wilt in een transformatorkern en precies wat je niet wilt in een permanente magneet. Die kromme staat getekend bij magnetische hysterese en remanentie.
Meer leren over stabiliteit en magnetisch gedrag?
Hysterese en remanentie
Zie hoe magnetisatie behouden blijft nadat het externe veld is verdwenen.
Lees verder →Waarom een magneet kracht verliest
De praktische oorzaken van geleidelijk of blijvend krachtverlies.
Lees verder →Demagnetisering door hitte
Waarom warmte de stabiliteit van een magneet kan verminderen.
Lees verder →Het tegenveld dat nodig is om de magnetisatie van een magneet op te heffen, in kA/m. Bepaalt de stabiliteit onder warmte, een ongunstige vorm en externe velden.
HcB
Het tegenveld waarbij de fluxdichtheid naar buiten nul wordt. De magneet is dan nog wel gemagnetiseerd en herstelt zich.
HcJ
Het tegenveld waarbij de magnetisatie zelf nul wordt. Dit is de waarde die bepaalt of schade blijvend is.
Werkpunt
De plek op de ontmagnetisatiecurve waar een magneet zich bevindt, bepaald door zijn vorm en zijn omgeving. Hoe platter de magneet, hoe ongunstiger dat punt.
Dit artikel hoort bij het cluster Magnetisme & fysica binnen de categorie neodymium magneten.
Technisch team MagneetjesWinkel.nl
De informatie op deze pagina is zorgvuldig samengesteld door het technisch team van MagneetjesWinkel.nl. Zo ben je verzekerd van betrouwbare en actuele informatie over magneten en hun toepassingen.
Laatst bijgewerkt: 8 september 2026