Magnetisme in het onderwijs
Kort antwoord: Magnetisme staat in de kerndoelen voor de basisschool en blijft erin na de herziening die in 2027 ingaat. De belangrijkste keuze voor de klas is welke magneet je gebruikt: losse kleine neodymium magneetjes horen pas vanaf groep 5 op tafel, en dan onder toezicht.
Waarom: Twee of meer ingeslikte sterke magneten kunnen elkaar door de darmwand heen aantrekken. De Europese speelgoednorm staat losse sterke magneetjes daarom alleen toe in experimenteersets voor kinderen vanaf 8 jaar.
Deze pagina is geschreven voor leerkrachten en BSO-begeleiders die magnetisme willen behandelen. De proefjes zelf staan uitgewerkt bij proefjes met magneten. Hier gaat het om wat eromheen komt kijken: welke magneet bij welke groep past, en hoe je voorkomt dat leerlingen met een verkeerde conclusie de les uit lopen.
Waar magnetisme in de kerndoelen staat
In de kerndoelen uit 2006 noemt kerndoel 42 magnetisme met name, naast onder meer licht en elektriciteit, als verschijnsel waar leerlingen onderzoek aan leren doen. De nieuwe kerndoelen voor mens en natuur zijn op 21 november 2025 door SLO aan het ministerie van OCW opgeleverd, en ook daarin staat voor het primair onderwijs dat leerlingen experimenteren met de kracht van magnetisme. Ze worden per 1 augustus 2027 wettelijk vastgelegd; vanaf 1 augustus 2031 moet elke school ermee werken (overzicht van de invoering).
Geen van beide sets zegt in welke groep. Jongere groepen gebruiken magneten vaak al voor een korte sorteeropdracht: wat blijft plakken en wat niet. Echt uitgebreid komt het onderwerp pas in groep 7 en 8 aan bod; dat bevestigen leerkrachten uit onze omgeving. Op die groepen is ons lespakket magnetisme gericht. Het is bewust theoretisch opgebouwd, met vier lessen uitleg en pas in les 5 een praktijkopdracht: een kompas maken. Plan de proefjes er daarom tussendoor, zodat elke les uitleg iets krijgt om aan te toetsen.
Welke magneet bij welke groep
De Europese speelgoednorm EN 71-1 is hiervoor de beste leidraad, ook al geldt hij formeel alleen voor speelgoed. Losse magneten in speelgoed tot 14 jaar die helemaal in de testkoker van de norm passen, een koker met een binnendiameter van 31,7 mm, moeten een fluxindex onder de 50 kG²mm² hebben. Sterkere losse magneetjes mogen alleen in experimenteersets voor kinderen vanaf 8 jaar, met een waarschuwing op de verpakking. Acht jaar is ongeveer het begin van groep 5.
Een neodymium magneet zit al bij een paar millimeter boven die grens. Bij metingen van de Amerikaanse toezichthouder CPSC bleven magneetballetjes van 2,5 mm meestal net onder de 50, terwijl sets met balletjes van 3 mm er doorgaans boven uitkwamen. De schijfmagneten van 8 of 10 mm die je voor proefjes gebruikt, zijn sterker en vallen er dus ook buiten. De grens zelf is niet willekeurig gekozen: magneten uit speelgoed waarbij kinderen gewond raakten, maten boven de 70, en 50 ligt daar met marge onder. Bij grote magneten speelt de fluxindex geen rol, want wat niet in de testkoker past, geldt in de norm niet als inslikbaar.
Losse magneten uit een webshop, ook die van ons, zijn geen speelgoed en vallen niet onder EN 71. Voor de klas is de grens van de norm toch de bruikbaarste die er is.
| Groep | Wat je laat zien | Welke magneet | Let op |
|---|---|---|---|
| 1–2 | Wat blijft plakken en wat niet | Grote staaf- of hoefijzermagneten die niet in de testkoker passen | Houd ook de kleine magneetjes van een glasbord buiten bereik; dat zijn meestal neodymium magneten |
| 3–4 | Aantrekken en afstoten, kracht door papier en karton heen | Ferriet staafmagneten die niet in de testkoker passen | Tel de magneten bij het uitdelen en bij het ophalen |
| 5–6 | Afstand en kracht, veldlijnen met ijzervijlsel | Ferriet voor de leerlingen; neodymium bij de leerkracht of onder direct toezicht | Twee neodymium magneten die op elkaar klappen, kunnen splinteren |
| 7–8 | Een kompas maken en een elektromagneet bouwen | Neodymium schijfmagneten, onder toezicht | Haal sterke magneten van tafel voordat de kompassen tevoorschijn komen |
Koop voor groep 1 tot en met 4 dus geen losse kleine magneten, ook niet bij ons. Wat je in die groepen laat zien, aantrekken en afstoten en wat wel of niet blijft plakken, lukt met een grote ferriet staafmagneet net zo goed. Een neodymium magneetje maakt die les niet beter, alleen de opruimronde spannender.
Laat leerlingen eerst voorspellen
Het gangbare advies is om leerlingen eerst vrij met magneten te laten spelen; de vragen komen dan vanzelf. Die vragen komen inderdaad, maar de antwoorden die kinderen er zelf bij bedenken, kloppen vaak niet. Een kind dat een paperclip en een schaar ziet blijven hangen, concludeert dat metaal magnetisch is en gaat met die conclusie naar huis.
Laat leerlingen daarom eerst opschrijven wat ze verwachten, en test het dan. Euromunten zijn daar het beste materiaal voor, omdat de kleur niets zegt over het metaal eronder. De koperkleurige munten van 1, 2 en 5 cent zijn van staal met een koperlaagje en blijven stevig hangen. De goudkleurige van 10, 20 en 50 cent zijn van Nordic gold, een legering met 89 procent koper, en reageren helemaal niet. Bij 1 en 2 euro is de kern licht magnetisch en de ring niet. Centrale banken gebruiken dat verschil om munten op echtheid te controleren. Waar het verschil vandaan komt, lees je bij waarom sommige munten magnetisch zijn.
De tweede klassieker zit bij het kompas. Leerlingen leren dat gelijke polen afstoten en dat de noordpool van een kompasnaald naar het noorden wijst. Combineer die twee en de conclusie is dat er bij de geografische noordpool een magnetische zuidpool ligt. Dat klopt ook. Laat een groep 8 die redenering zelf maken, en gebruik de noordpool van een magneet als achtergrond voor jezelf.
Onderwijsonderzoek ondersteunt die volgorde. Paul Kirschner, John Sweller en Richard Clark zetten in 2006 het onderzoek naar onbegeleid leren op een rij: beginners leren meer van gerichte instructie dan van zelf zoeken. Voor magnetisme betekent dat voorspellen, proberen, verklaren, waarbij de leerkracht na elke proef de conclusie hardop maakt.
Vrij spelen mag. Als start van een les is het zonde van je tijd.
Opbergen
Hoefijzermagneten uit oudere lesdozen zijn vaak van AlNiCo of gehard staal. Die verliezen kracht als ze los en kriskras door elkaar in een bak liggen. Leg het ijzeren sluitstukje terug over de polen; dan blijft het veld in de magneet.
Neodymium magneten bewaar je met een stukje karton ertussen, zodat ze niet op elkaar klappen. Laat ijzervijlsel nooit direct op een neodymium magneet komen, want het is er nauwelijks meer af te halen. Leg de magneet onder het papier of in een plastic zakje.
Na de les
Tel de magneten. Doe dat bij het uitdelen en opnieuw bij het ophalen. Ontbreekt er na een les met kleine sterke magneten een, en kun je niet uitsluiten dat een leerling hem heeft ingeslikt, bel dan direct de ouders en laat het kind door een arts beoordelen, ook als het nergens last van heeft. Wat je moet doen als een kind een magneet inslikt zet de stappen op een rij.
Verder met magnetisme in de klas
Zelf een kompas maken
Een naald magnetiseren en laten richten op het aardmagnetisch veld.
Lees verderVanaf welke leeftijd?
Wat kinderen per leeftijd veilig met magneten kunnen doen.
Lees verderMaat voor de aantrekkingskracht van een kleine magneet: het kwadraat van de veldsterkte aan het pooloppervlak maal dat oppervlak, uitgedrukt in kG²mm². De speelgoednorm EN 71-1 legt de grens voor losse magneten in speelgoed op 50.
Testkoker
Koker met een binnendiameter van 31,7 mm waarmee speelgoednormen bepalen of een onderdeel klein genoeg is om in te slikken. Wat er helemaal in past, geldt als inslikbaar.
Dit artikel hoort bij het cluster Magnetisme & fysica binnen de categorie Inspiratie & ideeën.
Hans Huizenga
Oprichter van specialistische webshop MagneetjesWinkel.nl met fysieke winkel in Ede.
Laatst bijgewerkt: 2 oktober 2026