Welke metalen zijn magnetisch?
Kort antwoord:
Een magneet hecht aan ijzer, staal, nikkel, kobalt en een deel van het RVS. Aan aluminium, koper, messing, brons, zink, lood, titanium, goud en zilver hecht hij niet, en ook niet aan de gangbare RVS-soorten 304 en 316.
Waarom:
Een metaal is alleen magnetisch als naburige atomen hun magnetische richting samen vastleggen, in zogeheten domeinen. Dat gebeurt bij ijzer, nikkel en kobalt. Bij de andere metalen heffen de elektronen elkaar op, of wijst elk atoom een eigen kant op.
Aan de balie merken we dat veel mensen er niet bij stilstaan dat aluminium geen magneten aantrekt. Een kozijn, een profiel of een laptopbehuizing voelt als metaal, dus de verwachting is dat een magneet blijft zitten. Of hij dat doet, hangt eerst af van welk metaal het is en daarna van hoeveel staal er onder het oppervlak zit.
Overzicht per metaal
Alleen ferromagnetische metalen zijn bruikbaar om iets met een magneet aan te bevestigen. Paramagnetisch en diamagnetisch zijn de natuurkundige namen voor een reactie die zo zwak is dat je er met een magneet niets van merkt.
| Metaal | Gedrag | Hecht een magneet? |
|---|---|---|
| IJzer | Ferromagnetisch | Ja, sterk |
| Koolstofstaal (bouwstaal, plaatstaal) | Ferromagnetisch | Ja, sterk |
| Nikkel | Ferromagnetisch | Ja |
| Kobalt | Ferromagnetisch | Ja |
| RVS 430 (ferritisch) | Ferromagnetisch | Ja, iets zwakker dan staal |
| RVS 410 en 420 (martensitisch, veel keukenmessen) | Ferromagnetisch | Ja |
| RVS 304 en 316 (austenitisch) | Niet magnetisch | Nee; plaatselijk zwak na buigen of persen |
| Aluminium | Paramagnetisch | Nee |
| Titanium | Paramagnetisch | Nee; daarom gebruikt voor implantaten en bij MRI-apparatuur |
| Koper | Diamagnetisch | Nee |
| Messing (koper en zink) | Niet magnetisch | Nee |
| Brons (koper en tin) | Niet magnetisch | Nee; aluminium- en mangaanbrons soms zwak |
| Zink | Diamagnetisch | Nee |
| Lood | Diamagnetisch | Nee |
| Goud | Diamagnetisch | Nee |
| Zilver | Diamagnetisch | Nee |
Waarom het ene metaal reageert en het andere niet
Elk elektron gedraagt zich als een heel klein magneetje. In koper, goud, zilver, zink en lood zitten de elektronen in paren die elkaar binnen het atoom opheffen. Aluminium en titanium hebben wel losse elektronen, maar elk atoom wijst een eigen kant op, zodat er per saldo niets overblijft.
In ijzer, nikkel en kobalt zetten naburige atomen elkaar in dezelfde richting. Zo ontstaan domeinen: kleine gebieden waarin alle magnetische momenten gelijk liggen. Zonder magneet in de buurt wijzen de domeinen alle kanten op. Komt er een magneet bij, dan groeien de domeinen die met zijn veld meeliggen, en wordt het metaal aangetrokken.
Het element alleen bepaalt het niet. Ook de manier waarop de atomen in het kristal liggen telt mee, en daardoor is het ene RVS magnetisch en het andere niet.
RVS hangt af van de soort
RVS 304 en 316, de soorten van de meeste aanrechten en spoelbakken, bestaan voor ongeveer 70% uit ijzer en zijn toch niet magnetisch. Hun kristalrooster, austenitisch genoemd, laat geen domeinen toe. Ferritisch RVS zoals 430 heeft een ander rooster en trekt een magneet wel aan. Martensitisch RVS (410 en 420) ook: daar zijn veel keukenmessen van gemaakt, en daarom blijven ze aan een magnetisch messenrek hangen.
Een snelle test in de keuken: een pan die geschikt is voor inductie heeft een magnetische bodem. Blijft een magneet onder de pan zitten, dan werkt hij op inductie.
Legeringen, coatings en sieraden
Legeringen zonder ijzer zijn niet magnetisch. Messing is koper met zink, brons is koper met tin, en geen van beide trekt een magneet aan. Uitzonderingen zijn aluminiumbrons en mangaanbrons: die bevatten een paar procent ijzer en kunnen zwak reageren op een sterke magneet.
Bij sieraden zegt een magneettest weinig over echtheid. Puur goud en zilver reageren niet, maar sieraden zijn bijna altijd legeringen, en sluitingen bevatten vaak een stalen veertje. Blijft een ketting aan de magneet hangen, kijk dan eerst naar de sluiting.
Waarom een magneet langzaam door een koperen buis valt
Laat je een neodymium magneet door een koperen of aluminium buis vallen, dan zakt hij opvallend traag. Dat lijkt op magnetisme, maar het zijn wervelstromen: de bewegende magneet wekt in het goed geleidende metaal kringstromen op, en die maken een veld dat de beweging afremt.
Wervelstromen bestaan alleen zolang de magneet beweegt. Leg hem stil op een aluminium plaat en hij glijdt er zo af, dus voor bevestigen heb je er niets aan. Magnetische remmen werken wel op dit principe, net als de machines die in recyclingbedrijven blikjes en ander aluminium uit de afvalstroom schieten.
Temperatuur verandert het
Boven de Curietemperatuur raakt een ferromagnetisch metaal zijn domeinen kwijt en hecht een magneet er niet meer aan. Voor ijzer ligt die grens rond 770 °C, voor nikkel rond 355 °C en voor kobalt rond 1115 °C. Na afkoelen komt de eigenschap terug.
Gadolinium is het omgekeerde geval. Dat metaal verliest zijn magnetisme al rond 20 °C, waardoor het in een koude kamer net wel en op een warme dag net niet reageert.
Zo test je een ondergrond
Gebruik een klein neodymium magneetje, geen koelkastmagneet. Een zwakke magneet glijdt ook van dun of gelakt staal af en geeft je dan het verkeerde antwoord. Voel je aantrekking maar blijft hij niet zitten, dan is de ondergrond staal met een laag ertussen. Voel je helemaal niets, dan is het materiaal niet magnetisch.
Test RVS op het vlakke midden van een plaat, niet op de rand of een hoek. Reageert alleen de rand, dan heb je met vervormd 304 te maken en kun je er niet op bouwen.
Geen magnetische ondergrond? Voeg staal toe
Op aluminium, koper of RVS 304 heeft een sterkere magneet geen zin. Zonder staal is er niets om aan te trekken, dus een N52 houdt daar net zo weinig als een koelkastmagneet. Koop dan geen zwaardere magneet, maar plak of schroef een stuk staal op de plek waar de magneet moet komen.
Daarvoor zijn er metalen tegenstukken met een boorgat of een plaklaag. Voor een rij magneten werkt een magneetstrip; dat is bij ons een stalen strip waarop magneten hechten, geen magneetband. Let op de dikte van het staal: een schijfmagneet van Ø20 × 5 mm heeft 2 tot 2,5 mm staal nodig om zijn volle houdkracht te halen.
Koper en aluminium schermen een magneetveld niet af
Een plaat koper of aluminium tussen een magneet en een apparaat verandert vrijwel niets aan het veld van een stilliggende magneet. Magnetisch afschermen doe je met ferromagnetisch materiaal zoals weekijzer of mu-metaal, dat de veldlijnen om het te beschermen gebied heen leidt.
Bronnen
- NEN-EN 10088-1, Roestvaste staalsoorten: indeling in austenitisch, ferritisch en martensitisch RVS
- NEN-EN ISO 1461, Thermisch verzinken: minimale gemiddelde laagdikte per staaldikte
- C. Kittel, Introduction to Solid State Physics: Curietemperaturen van ijzer, nikkel, kobalt en gadolinium
- CRC Handbook of Chemistry and Physics: magnetische susceptibiliteit van de elementen
Meer over metalen en magnetisme
Werkt een magneet op aluminium?
Kozijnen, profielen en panelen: waarom een magneet eraf glijdt en hoe je toch bevestigt.
Lees verder →Werkt een magneet op koper?
Waarom koper geen magneet vasthoudt en wat je dan gebruikt.
Lees verder →Werkt een magneet op RVS?
Welke RVS-soorten reageren, en wat je doet bij 304 en 316.
Lees verder →Is goud magnetisch?
Wat een magneettest bij sieraden kan aantonen, en wanneer hij misleidt.
Lees verder →Eigenschap van metalen waarin naburige atomen hun magnetische richting samen vastleggen, zodat een magneet ze sterk aantrekt. Voorbeelden zijn ijzer, staal, nikkel en kobalt.
Magnetisch domein
Klein gebied in een ferromagnetisch metaal waarin alle magnetische momenten dezelfde kant op wijzen.
Austenitisch RVS
Roestvast staal met een kristalrooster dat geen domeinen toelaat, zoals 304 en 316. Daardoor niet magnetisch, ondanks ongeveer 70% ijzer.
Dit artikel hoort bij het onderwerp Metalen & magnetisme, onderdeel van Grondstoffen & magneettypes.
Hans Huizenga
Oprichter van specialistische webshop MagneetjesWinkel.nl met fysieke winkel in Ede.
Laatst bijgewerkt: 23 oktober 2026