Magneten door de tijd heen – van magneetsteen tot moderne magneten bij MagneetjesWinkel.nl

Magneten door de tijd heen – van magneetsteen tot moderne techniek

Magneten zijn zo alledaags geworden dat je bijna vergeet hoe bijzonder ze zijn. Ze houden notities op hun plek, laten luidsprekers werken en zorgen ervoor dat motoren draaien. Toch begon het verhaal van magneten niet in een fabriek, maar in de natuur: met een steen die zich “anders” gedroeg dan alles wat mensen toen kenden. In dit artikel lopen we door de belangrijkste stappen in de geschiedenis van magneten – van magneetsteen en kompassen tot de sterke (en compacte) magneten die je nu overal tegenkomt.

Het begin: magneetsteen (lodestone) als natuurverschijnsel

De oudste “magneten” waren geen producten, maar stukken magnetiet die van nature gemagnetiseerd waren. Deze magneetsteen (in het Engels vaak “lodestone”) trok ijzer aan en kon zich uitlijnen met het aardmagnetisch veld. Dat maakte het mogelijk om er in de praktijk iets mee te doen, lang voordat iemand magnetisme kon verklaren.

Weetje
Magneetsteen is in feite een natuurlijke permanente magneet. Dat is zeldzaam: de meeste mineralen zijn niet vanzelf sterk gemagnetiseerd.

De kompasrevolutie: magneten worden een hulpmiddel

Eén van de meest invloedrijke toepassingen in de vroege geschiedenis is het kompas. In China werden vroege kompasvormen beschreven waarbij magneetsteen gebruikt werd om richting aan te geven (bijvoorbeeld in “lepel”-achtige modellen). Dat begon niet meteen als navigatie-instrument zoals wij het kennen, maar het idee dat magnetisme richting kan geven was een grote stap. 

Vanaf het moment dat mensen magnetisme konden inzetten om te oriënteren, veranderde de status van magneten: van merkwaardig natuurverschijnsel naar praktisch gereedschap. Later verspreidde het kompas zich en werd het een sleuteltechniek voor scheepvaart en ontdekkingstochten.

Van mysterie naar wetenschap: de aarde als “grote magneet”

In de zestiende en zeventiende eeuw verschoof magnetisme langzaam van verwondering naar onderzoek. Een bekend kantelpunt is het werk van William Gilbert, die in 1600 zijn boek De Magnete publiceerde. Gilbert gebruikte experimenten (onder andere met een model-aarde, de “terrella”) om te laten zien dat de aarde zich gedraagt als een grote magneet. Daarmee werd het kompas niet langer “toverij”, maar iets dat je kon verklaren met natuurkundige redenering. 

In dezelfde periode ontstond ook het besef dat er een verschil is tussen materialen die magnetisch reageren (zoals ijzer) en materialen die dat nauwelijks doen (zoals hout of kunststof). Dat inzicht is vandaag nog steeds relevant bij alledaagse vragen zoals: werkt een magneet door een bepaalde laag heen, of niet?

Wie hier verder in wil duiken, kan in onze kennisbank ook lezen over de vorm van magneten en magnetische veldlijnen en over magnetiseringsrichting.

De negentiende eeuw: elektromagneten veranderen alles

De volgende grote sprong kwam toen mensen ontdekten dat elektriciteit en magnetisme bij elkaar horen. Met een stroom door een spoel kun je een magneetveld opwekken: een elektromagneet. In 1825 bouwde William Sturgeon een vroege elektromagneet door draad om een ijzeren kern te wikkelen. Het belangrijke aan elektromagneten is dat je ze kunt schakelen en regelen: stroom aan is magnetisme aan, stroom uit is magnetisme uit. 

Dat principe legde de basis voor een enorme hoeveelheid techniek: elektromotoren, relais, generators en meetinstrumenten. Magnetisme werd daarmee een beheersbaar onderdeel van machinebouw – en niet alleen een eigenschap van “speciale stenen”.

Weetje
Een elektromagneet is in de praktijk vaak sterker dan een kleine permanente magneet, maar alleen zolang er stroom loopt. Dat “aan/uit”-karakter is precies waarom elektromagneten zo nuttig zijn in techniek.

De twintigste eeuw: permanente magneten worden steeds beter

Naast elektromagneten ontwikkelden ook permanente magneten zich snel. Er kwamen magneten met nieuwe legeringen en betere prestaties. Daardoor werd het mogelijk om magnetische functies kleiner, betrouwbaarder en efficiënter te maken. Denk aan compacte motoren, sterke sluitingen en kleinere luidsprekers.

Voor veel toepassingen is het verschil tussen soorten magneten bepalend. Een ferrietmagneet is bijvoorbeeld betaalbaar en stabiel, terwijl neodymium magneten juist bekendstaan om hoge kracht in een klein volume. Als je dat overzicht zoekt, is Soorten magneten een logisch vervolg.

De doorbraak van neodymium: sterk en compact (vroege jaren ’80)

In de vroege jaren tachtig werden neodymium-ijzer-boron magneten (NdFeB) ontwikkeld. Deze magneten – vaak simpelweg “neodymium magneten” genoemd – combineerden uitzonderlijk hoge kracht met een compact formaat. De ontwikkeling vond in grote lijnen onafhankelijk plaats in dezelfde periode (begin jaren ’80), waarna NdFeB in rap tempo een standaard werd voor toepassingen waar veel kracht in weinig ruimte nodig is. 

Je ziet dat terug in moderne producten: gereedschap, motoren, sensoren, magnetische sluitingen en talloze apparaten waarin je de magneet zelf niet eens ziet. Magneten zijn daarmee “onzichtbare techniek” geworden: aanwezig, maar zelden opvallend.

Magneten vandaag: overal om je heen, vaak zonder dat je het merkt

Vandaag zitten magneten niet alleen op de koelkast. Ze zitten in luidsprekers, in motoren, in sluitingen, in meet- en regelsystemen en in veel alledaagse producten. De basis is nog steeds hetzelfde: magnetische velden en materialen die daarop reageren. Het grote verschil met vroeger is dat we magnetisme nu kunnen ontwerpen, voorspellen en precies toepassen.

Ben je op zoek naar een praktische ingang voor dagelijkse vragen? Dan is onze Vraagbaak over magneten een handig startpunt, met korte uitleg per situatie.

Weetje
Het woord “magneet” wordt vaak in één adem genoemd met “metaal”, maar in de praktijk reageren vooral ijzer, nikkel en kobalt (en sommige legeringen) sterk. Aluminium en koper zijn bijvoorbeeld niet “plakmetaal” voor een gewone magneet.

Bronnen

Voor de historische context en jaartallen zijn de volgende publieksbronnen gebruikt: het National High Magnetic Field Laboratory over vroege Chinese kompassen met magneetsteen (National MagLab – Early Chinese Compass), de IET Archives over William Gilbert en De Magnete (1600) (IET – Earth the Magnet), en Science & Society Picture Library over Sturgeon’s elektromagneet (1825) (Science & Society – Sturgeon electromagnet). Voor de ontwikkeling van NdFeB/neodymium magneten in de vroege jaren ’80 is als toegankelijke achtergrond onder andere IEEE Spectrum gebruikt (IEEE Spectrum – The magnet that made the modern world).

Mini-definities

Magneetsteen (lodestone): natuurlijk gemagnetiseerde magnetiet die zich kan uitlijnen met het aardmagnetisch veld.

Permanentmagneet: een magneet die zonder stroom een blijvend magneetveld heeft, zoals ferriet of neodymium.

Elektromagneet: een magneetveld dat ontstaat door elektrische stroom door een spoel; het veld verdwijnt wanneer de stroom stopt.

NdFeB (neodymium): een sterke magneetlegering van neodymium, ijzer en boron, ontwikkeld in de vroege jaren ’80 voor hoge kracht in compact formaat.

Laatst bijgewerkt op