Bestaat er een lange magneet? Wat wel en niet kan

Kort antwoord:
Eén massieve magneet van tientallen centimeters lang, met de noordpool over de hele bovenkant en de zuidpool over de hele onderkant, bestaat niet als los product. Die werking bouw je op uit een rij losse magneten.

Waarom:
Magneetmateriaal wordt als poeder in een vorm geperst en gebakken, en die vormen hebben een maximale maat. Bovendien levert een lange, dunne magneet minder kracht op dan je op grond van de hoeveelheid materiaal zou verwachten.

Regelmatig krijgen we de vraag of we een magneet hebben van een halve meter of langer, met over de volle lengte één pool aan de bovenkant en de andere pool aan de onderkant. De aanleiding is bijna altijd hetzelfde: mensen zien lange magnetische strips in douchedeuren, kastdeuren of horren en gaan ervan uit dat daar één lange magneet in zit. Dat is niet zo. In de praktijk vallen "lange magneten" uiteen in drie verschillende producten, en in de meeste situaties heb je het derde nodig.

Waarom een magneet niet zomaar lang wordt gemaakt

Dit is geen natuurkundig bezwaar, maar een productiekwestie. Neodymium- en ferrietmagneten worden gemaakt door fijn poeder in een matrijs te persen en dat vervolgens bij hoge temperatuur te bakken. De matrijs bepaalt de maximale afmeting, en die matrijzen zijn afgestemd op de maten die in de markt gangbaar zijn. Boven ongeveer tien centimeter wordt een magneet daarmee een speciaalproduct: een vorm op maat, met bijbehorende ontwikkelkosten en minimale afname. Voor een enkele toepassing loopt dat al snel in de honderden euro's.

Daar komt bij dat magneetmateriaal hard en breekbaar is. Het lijkt op metaal, maar het gedraagt zich meer als keramiek. Een staaf van vijftig centimeter bij een paar millimeter dik overleeft transport en montage eenvoudigweg niet: bij de geringste buiging of val breekt hij. Lange magnetische producten bestaan dus wel degelijk — alleen zit daar nooit één lange magneet in.

Waarom lang en dun minder trekt dan je verwacht

Er speelt nog iets mee, en dat verklaart waarom een lange magneetband vaak tegenvalt. De kracht van een magneet komt vooral uit de dikte in de richting van de polen, niet uit het oppervlak. Maak je een magneet lang en dun, dan neemt het oppervlak flink toe terwijl de kracht per vierkante centimeter juist afneemt. Je hebt dan veel materiaal, maar het zit in de verkeerde richting.

Praktisch gezien betekent dat het volgende: een flexibele magneetband van een halve meter tilt minder dan een handjevol kleine blokmagneten die samen veel minder materiaal bevatten. Wie houdkracht nodig heeft, kiest daarom voor dikte en losse punten in plaats van voor lengte.

Je hebt minder magneten nodig dan je denkt Vier tot zes goed geplaatste magneten over een halve meter geven doorgaans meer houdkracht dan een doorlopende strip over diezelfde lengte. Ze zijn samen goedkoper, makkelijker te monteren, en je kunt er later één vervangen zonder het geheel los te halen. Kijk voor geschikte maten bij blokmagneten en staafmagneten.

Drie soorten "lange magneten" en wat ze doen

Als iemand om een lange magneet vraagt, bedoelt hij een van deze drie. Ze verschillen sterk in kracht en in de manier waarop ze werken.

Doorsnede van magneetband met afwisselende polen, magneetband met een pool per zijde en een rij losse magneten, met veldlijnen
De drie manieren om magnetisch lang te worden. Alleen de rechter variant levert echte houdkracht.

Magneetband met afwisselende polen. Dit is de gewone flexibele band op rol. De polen liggen er niet als boven- en onderkant in, maar als smalle streepjes naast elkaar over de lengte: noord, zuid, noord, zuid. Daardoor is het magnetisch veld sterk vlak boven het oppervlak, maar reikt het maar een paar millimeter ver. Op staal werkt dat prima. Twee identieke banden op elkaar schuiven echter een streepje opzij, omdat gelijke polen elkaar afstoten. Daarom worden deze banden vaak geleverd in een A- en een B-uitvoering, die tegengesteld gepoold zijn en elkaar daardoor vlak aantrekken.

Magneetband met één pool per zijde. Deze variant heeft wel de indeling waar de meeste mensen aan denken: noord over de hele bovenkant, zuid over de hele onderkant. Hij bestaat, en de lengte is geen probleem omdat de band op rol wordt gemaakt en op maat wordt geknipt. Alleen is de houdkracht laag, om precies de reden die hierboven staat: de band is dun.

Een rij losse magneten. Zet je blok- of staafmagneten achter elkaar met alle polen dezelfde kant op, dan gedraagt die rij zich magnetisch als één lange magneet met noord boven en zuid onder. Dit is verreweg de sterkste oplossing en in vrijwel alle gevallen ook de goedkoopste. In onze categorie blokmagneten vind je de maten die zich hier het beste voor lenen.

Zo bouw je een rij die als één lange magneet werkt

De enige echte montageregel is dat alle magneten dezelfde pool naar boven hebben. Draai je er één om, dan ontstaat op die plek een afwisselend patroon en verlies je juist kracht in plaats van dat je hem wint. Markeer daarom vóór het plakken van elke magneet welke kant boven komt — met een stift of een streepje tape. Welke kant noord is, kun je bepalen met een kompas of door de magneten onderling te vergelijken.

Rij magneten met alle polen dezelfde kant op naast een rij met afwisselende polen, met het verschil in veldlijnen
Draai je een magneet om, dan lopen de velden kort van buur naar buur en verlies je juist kracht.

Voor de onderlinge afstand geldt: hoe dichter bij elkaar, hoe meer de magneten elkaar tegenwerken. Houd minimaal twee tot drie keer de magneetdikte tussenruimte aan, of leg de magneten juist tegen elkaar in een stalen strip of U-profiel. Dat staal bundelt de kracht naar één kant en levert vaak meer op dan losse magneten in de lucht. Houd er bij het plaatsen rekening mee dat magneten met dezelfde pool naar boven elkaar zijwaarts wegduwen: werk van één kant af en laat de lijm goed uitharden voordat je de volgende plaatst.

Verder gelden de gebruikelijke aandachtspunten. Een luchtspalt kost onevenredig veel kracht: een halve millimeter verf, folie of vuil halveert de houdkracht al snel. Dun plaatstaal kan de magnetische kracht niet volledig opnemen, dus reken op minder dan de opgegeven waarde. Bij belasting evenwijdig aan het oppervlak, bijvoorbeeld een paneel dat naar beneden wil zakken, houdt een magneet maar een fractie van zijn opgegeven kracht — reken daar ongeveer een vijfde van. En bij trillingen of buitengebruik kies je voor verzonken magneten met een schroef, of voor een uitvoering met rubber coating die vocht buiten houdt.

Niet zagen of boren Gesinterd neodymium laat zich niet bewerken. Zagen of boren veroorzaakt scherpe splinters, het poeder is brandbaar, en de warmte die daarbij vrijkomt maakt de magneet permanent zwakker. Werk altijd met kant-en-klare maten en pas de constructie aan, niet de magneet.

De strip in een douchedeur is geen lange magneet

Dit is de bron van de meeste verwarring, dus het verdient een aparte uitleg. In een douchedeur zit geen magneet van vijftig centimeter. Wat er zit, is een kunststof- of siliconenprofiel dat over de rand van het glas geschoven of geplakt wordt, met daarin een flexibele magneetband ingebed. Glas is niet magnetisch, dus zo'n profiel moet aan beide zijden zitten: de twee strips pakken elkáár, niet het glas en ook geen staal.

De twee banden zijn tegengesteld gemagnetiseerd. Waar de ene noord heeft, heeft de andere op dezelfde hoogte zuid. Daardoor trekken ze over de volle lengte vlak aan en klikt de deur vanzelf dicht zonder te verspringen. Er wordt bewust ferriet gebruikt en geen neodymium: de kracht hoeft niet groot te zijn — de deur moet dichtvallen maar ook licht opengaan — en ferriet roest niet in een natte ruimte.

De uitvoering hangt af van de opstelling. Voor een deur en wand die in lijn liggen is er een recht profiel, voor een haakse hoekopstelling een profiel van 90 graden, en voor een schuine hoek een variant van 135 graden. Daarnaast moet de glasdikte kloppen, meestal ergens tussen 5 en 8 millimeter. Een profiel voor 6 millimeter glas past niet op glas van 8 millimeter.

Sluit zo'n deur na een paar jaar niet meer goed, dan is de magneet vrijwel nooit het probleem — ferriet verliest onder deze omstandigheden nauwelijks kracht. Het is bijna altijd het profiel: het rubber is hard geworden en vervormd, er zit kalkaanslag tussen, of de lijm laat los. Omdat de magneetkracht hier van zichzelf al bescheiden is, is een tiende millimeter extra ruimte direct voelbaar. In dit artikel over een douchedeur die niet meer sluit lees je hoe je vaststelt wat er aan de hand is.

Wat we je afraden, is dit zelf nabouwen met losse magneten. In een douche gaat vrijwel elke coating op termijn stuk, en losse magneten komen nooit zo vlak tegen elkaar te liggen als een profiel dat over de hele hoogte aansluit. Een vervangende douchestrip is een profielproduct uit de sanitairbranche en geen magneet die je los koopt.

Goed om te weten

Magneetband en magneetfolie zijn geen geschikte ondergrond voor losse magneten. Het lijkt logisch om een strook band op te plakken en daar neodymiummagneten op te zetten, maar de band is zelf magnetisch en werkt het veld van de magneet tegen. Wil je een oppervlak magnetisch maken, gebruik dan ferrofolie of zelfklevende staalband — dat is gewoon dun plaatstaal met lijm.

Twijfel je waar de polen bij jouw magneetvorm precies liggen, bijvoorbeeld omdat je blok- of staafmagneten in een rij wilt zetten? In het artikel over de magnetiseringsrichting van magneten staat per vorm uitgelegd waar noord en zuid zitten. Dat is nuttig om te controleren voordat je gaat lijmen, want een magneet die eenmaal vastzit krijg je er zelden onbeschadigd weer af.

Dit artikel is geschreven door het technisch team van MagneetjesWinkel.nl. Heb je een toepassing waar je niet uitkomt? Stuur ons de situatie met afmetingen en ondergrond, dan denken we mee over de juiste opstelling.

Laatst bijgewerkt: 25 augustus 2026

Klanttevredenheid 9.5 bij Trustprofile
Snelle levering uit eigen voorraad
Beste klantenservice van NL